
Waarom traditionele verwarming niet werkt in grote ruimtes (en hoe je het echt kunt oplossen)
Als je ooit hebt geprobeerd een kleedkamer of een grote, open ruimte te verwarmen met een standaard luchtkanalisatiesysteem, weet je wat voor problemen dat met zich meebrengt. Je zet de verwarming op maximale stand, de luchtstroom werkt, maar je moet wachten tot de ruimte warm wordt. Omdat warme lucht naar boven stijgt, gaat al die kostbare energie verloren in het plafond.
Het resultaat is dat het plafond warm is, terwijl de vloer nog steeds koud blijft. Het is zonde van de energie.
Een betere manier om dit op te lossen, is door infraroodverwarming te gebruiken. In plaats van de lucht te proberen op te warmen – wat eigenlijk net zo is alsof je probeert de buitenlucht op te warmen – stuurt deze verwarming energie rechtstreeks naar de plekken waar deze nodig is: de mensen, de banken en de vloer.
Snel warm worden
Als je snel een plek nodig hebt die comfortabel warm is, is kortegolf-infraroodverwarming de beste oplossing. Deze lampen genereren genoeg warmte om deze over grote afstanden te verspreiden, zonder dat de warmte verloren gaat in de omringende lucht.
Stel je voor dat het om een straal zonlicht gaat. Als je deze lampen in een systeem met hoog plafond installeert, zal de warmte rechtstreeks naar beneden gaan. Zodra je onder die straal staat, voel je meteen de warmte. Het maakt niet uit of de rest van de ruimte koud is; jij bent al warm zodra je binnenkomt.
De juiste apparatuur kiezen
Voor dit soort taken gebruiken we meestal kwartshalogeenbuizen. Waarom kwarts? Omdat het goed kan omgaan met snelle inschakelingen en uitschakelingen, zonder dat het kapotgaat door de thermische schokken.
Eén ding om in gedachten te houden: hoe hoger het plafond is, hoe meer vermogen er nodig is. Je moet het vermogen aanpassen, zodat de warmte nog steeds sterk is wanneer deze de vloer bereikt.
Wees echter voorzichtig met de elektriciteit. Deze apparaten vereisen veel stroom. Als je een grote ruimte wilt verwarmen, moet je goed controleren of de bedrading en de stoppen toe zijn voor zoveel stroom. Je wilt immers niet dat het hele systeem uitvalt zodra je de schakelaar omzet om de ruimte te verwarmen.
Het nadeel (en hoe je het kan voorkomen)
Het probleem is dat stralingswarmte gericht is. Er ontstaat dus een “ hete plek” recht onder de verwarming.
Als de indeling van de ruimte niet goed is, ontstaan er ‘dode zones’. Het is vreemd: je bent één seconde warm, maar als je twee stappen naar links zet, kom je in een gebied met koude lucht terecht. Om dit te voorkomen, moet je de bereiksbereiken van de verwarming tijdens het ontwerp op elkaar laten aansluiten.
Een beetje overlapping is al voldoende om de hele ruimte comfortabel te maken.